• Ambtenaren en social media gebruik
     
      http://www.e-marketingtrends.nl/ambtenaren-en-social-media-gebruik
  • Gedrag van mensen op Facebook en Twitter
     
      http://www.e-marketingtrends.nl/gedrag-van-mensen-op-facebook-en-twitter
  • Facebook actie Bijenkorf
     
      http://www.e-marketingtrends.nl/facebookbijenkorf
  • Online Enquête "Link gedrag op LinkedIn"
     
      http://www.e-marketingtrends.nl/online-enquete-link-gedrag-op-linkedin

Stappenplan layers maken

Sinds kort is er een mooie handleiding beschikbaar waarmee je zelf layers kunt maken voor het gebruik van Augmented Reality!

Het stappenplan komt van IT-Workz, een jong en vernieuwend ICT-bedrijf dat onderwijsorganisaties helpt met het optimaliseren van onderwijsprocessen door de nieuwste ontwikkelingen en communicatietechnologieën te gebruiken.

Een uitgebreid bericht over Onderwijs en Augmented Reality staat op mbo.kennisnet.nl.
Daar vind je ook de link waarmee je het stappenplan kunt downloaden.
Het is echter niet gratis: Het kost je…. een tweet!

Bron: trendmatcher.nl

Ambtenaren en social media gebruik

Social media zijn hot. Steeds meer mensen zijn er dagelijks mee bezig, waarbij ze van alles met elkaar delen, zoals informatie, foto’s, video’s, interesses en noem het maar op. Niet alleen voor commerciele organisaties liggen hier kansen, zeer zeker ook voor gemeentelijke instanties. Wat is eigenlijk het nut voor hen om gebruik te maken van social media? En zitten wij te wachten op online ambtenaren?

In mijn eigen gemeente, genaamd Oud-Beijerland wat is gelegen in de Hoeksche Waard, wordt bij binnenkomst via de hoofdweg op een digitaal bord met rode letters trots getoond dat Oud-Beijerland te volgen is op Twitter. Ook in de gratis weekkrant staan advertenties over de activiteit van de gemeente op social media. Wat heeft dit voor nut voor een gemeente? Er gaat namelijk veel tijd in zitten en tijd brengt kosten met zich mee. Met de vele bezuinigingen zou dit dus niet goed uit komen. Enmisschien nog wel het belangrijkste, wat schiet de burger er mee op?

Toch zijn er een aantal voordelen op te noemen voor het gebruik van social media voor gemeenten. Social media zijn zo divers en type, waardoor het moeilijk is om een eenduidig overzicht te geven met de voordelen. Toch bestaan er wel een aantal algemene argumenten:

Luisteren

Er wordt van alles over gemeenten en ambtenaren gezegd, denk aan ervaringen of meningen over hen, over gemeentelijk vastgoed of verleende diensten. Naast het gebruikelijke gesprek tijdens de koffie, in de kroeg of bij ontmoeting op straat en op feestjes, vindt het gesprek in toenemende mate plaats op het internet: op Social Media. Door te luisteren naar wat men op Social Media zegt, kunnen gemeenten veel te weten komen over hun klanten. Wanneer zij weten hoe de burgers denken en hoe de burger de gemeente ervaart, kunnen ze hier op inspelen. Met die informatie kunnen ze bijvoorbeeld de organisatie en hun dienstverlening nauwkeuriger afstemmen op de wensen van de klant/burger.

Communicatie

Als een overheidsorganisatie in het nieuws komt, geeft Social Media de gelegenheid om niet alleen het nieuws te vinden en te verzamelen, ze zien ook vaak wie het zegt. Dit maakt het eenvoudiger om – desgewenst – met die partijen de dialoog aan te gaan of hen te informeren. Het is meteen mogelijk om de discussie breder te trekken, of juist te versmallen. Let wel, grip krijgen op wat er online over je wordt gezegd is een lastige opgave, maar je kan het – desgewenst – tot op zekere hoogte sturen.

Branding

Ook voor overheidsorganisaties is een goed imago van belang. Social Media geeft de mogelijkheid om de buitenwereld te laten zien waar je mee bezig bent. Daarbij biedt het de mogelijk tot presentatie en dialoog. Door bijvoorbeeld op de juiste wijze te vertellen waar je mee bezig bent en door over te brengen waar je voor staat kan je werken aan een herkenbare persoonlijkheid en boetseer je jouw (online) imago.

Verbetering

De dienstverlening kan sterk verbeterd worden door gebruik van social media. Met social media kunnen gemeentelijke instanties namelijk 24 uur per dag bereikbaar zijn

Betrokkenheid

Voor de ontwikkeling binnen een gemeente is samenwerking tussen meerdere organisaties van belang. Daarbij is goed contact tussen overheid en samenleving essentieel. Door gebruik van social media kan er veel makkelijker contact gemaakt worden met de samenleving. Hierdoor voelt de burger zich meer betrokken bij de ontwikkeling binnen haar gemeente of stad.

Intern kennis delen

Binnen gemeenten zijn er veel ambtenaren die gespecialiseerd zijn in een bepaald vakgebied. Met behulp van social media kan deze kennis snel gedeeld worden en op deze manier kan uiteindelijk de dienstverlening richting burgers beter en sneller verlopen.

Gedrag van mensen op Facebook en Twitter

Facebook

Waarom, hoe, wanneer worden mensen fan van je Fanpage op Facebook?

Wat feitjes:

  • De gemiddelde bezoeker brengt meer dan 55 minuten per dag door op Facebook
  • Per dag worden 20 miljoen Facebook-gebruikers fan van een pagina.
  • Er zijn per dag 60 miljoen status-updates op Facebook

Waarom “liken” mensen een merk op Facebook:

  • 25% wil kortingen en promoties ontvangen
  • 21% zijn al klanten van het merk
  • 18% wil zich met merk identificeren
  • 10% zoekt plezier en vermaak
  • 8% wil de eerste zijn om informatie over het merk weten
  • 6% wil toegang tot exclusieve content

Hoe worden mensen fan?

  • 75%  omdat ze werden uitgenodigd door het merk rechtstreeks
  • 59%  omdat ze werden uitgenodigd door een vriend
  • 49%  omdat men zelf op zoek ging naar het merk op Facebook

Waarom “unliken” mensen een merk op Facebook?

  • 32% is niet langer geïnteresseerd in het merk
  • 27% wanneer updates te vaak worden gepubliceerd
  • 22% wanneer updates hen niet interesseren
  • 12% vindt de updates gewoon niet leuk

Gedrag van mensen

  • 17% van de Facebook gebruikers geeft aan eerder tot een aankoop over te gaan nadat ze de pagina hebben ‘geliked’
  • 22% van de Facebook gebruikers reageert op het merk nadat ze de pagina hebben ‘geliked’.

Twitter

Wat doen mensen voornamelijk op Twitter?

  • 36% checkt zijn/haar tweets minstens één keer per dag
  • 21% checkt zijn/haar tweets nooit
  • 72% tweet een status update
  • 62% tweet werk gerelateerde content
  • 55% deelt links van nieuwsfeiten
  • 54% tweet over zijn/haar dagelijkse ‘levenservaringen’
  • 53% retweet andere
  • 52% stuurt direct message (voorbeeld: “Thank you for the follow, I look forward to your Tweets”)
  • 40% deelt foto’s
  • 28% deelt video’s
  • 24% tweet zijn/haar locatie (i.s.m met Foursquare)

Tweets op basis van content:

  • 43% is conversatie
  • 24% zijn status updates
  • 12% zijn nieuws gerelateerd
  • 3% is op zoek naar of geeft advies
  • 1% is zelf promotie

Reden waarom mensen communiceren met merken/bedrijven?

  • 33% deelt meningen over merken en bedrijven met merken en bedrijven
  • 32% geeft een reommendation over het merk of het bedrijf
  • 39% vraagt om een recommendation
    • 43% hiervan deelt nieuws of informatie over het merk of bedrijf

Gedrag van mensen:

  • 37% kopen eerder van een merk wanneer zij volger zijn geworden (consistent gedrag)
  • 33% geven eerder een reactie of recensie over het merk als ze volger zijn geworden (consistent gedrag)

Conclusie ten aanzien van gedrag van mensen op Twitter, Facebook en Linkedin:

Wanneer ik van ieder sociaal netwerk de laatste twee gegevens interpreteer naar aanleiding van mijn onderzoek over de psychologische beïnvloeding via Social Media (www.dennishamakers.nl), dan wordt hier bevestigd dat men eerder tot een aankoop (verzoek van het merk/bedrijf) overgaat, wanneer ze voorafgaand consistent gedrag hebben laten zien, aldus het volgen op Twitter, liken op Facebook en connectie worden via LinkedIn, van het desbetreffende bedrijf, product of merk.

Of je nu als bedrijf, consument, merk of als product wilt dat men met je verzoek in stemt, wat een aankoop kan zijn, een retweet, een medewerking etc. zorg dat ze je gaan volgen. Wil je dat mensen je gaan volgen moet je interessant worden, je focussen op één bepaald aspect binnen je vakgebied en hier een autoriteit in worden. Lever kwalitatieve, interessante content en laat dit door andere autoriteiten bevestigen, maak gebruik van het principe van sociale bewijskracht en schaarste.

Facebook actie Bijenkorf

Bijenkorf is gedurende de Maffe Marathon actief geweest met een campagne op Facebook, waar een prijs van €1000,- shopgeld te winnen was. De Maffe Speurtocht is een spel waar deelnemers opzoek moesten naar een woord van 19 letters. De bedoeling is om dagelijks via Facebook, Twitter of ander Social Media kanaal van de Bijenkorf op zoek te gaan naar een letter.Drie weken lang werd door Bijenkorf iedere dag een hint gepost, waar de deelnemers een letter uit moesten weten te halen. Niet in volgorde uiteraard, maar alles door elkaar, moest men na twee weken een woord weten te maken van alle verzamelde letters en dit opsturen naar Bijenkorf.

Het leuke aan het spel was de laagdrempeligheid en de onbewuste betrokkenheid van de deelnemers bij de Bijenkorf. In combinatie met de Maffe Marathon zijn mensen continu bezig met kortingen en acties.

De hints hadden uiteraard allemaal betrekking op de Bijenkorf, van historie tot herkenning tot aan zoekopdrachten, deelnemers waren continu met de grootste warenhuis van Nederland bezig. Misschien wel het meest sterke aan het spel is de terugkerende deelnemer op de Facebook-pagina. Met al bijna 18.000 ‘likes’ zijn de bezoekersaantallen van de pagina de afgelopen twee weken aanzienlijk toegenomen. En niet te vergeten hoeveel effect het heeft op alle vrienden deze 18.000 ‘likers’.

Een mooi voorbeeld van betrokkenheid bij een merk in combinatie met ‘gaming’ en een klein beetje het gedrag van een ambassadeur.

Ondanks dat iedereen met elkaar communiceert, werden er geen antwoorden gepost, hielpen mensen elkaar wel met een extra hint of aanwijzing, maar bleef het een spel waar iedereen wilden winnen. De engagement was hoog, iedere dag vertelde mensen zijn/haar ervaring over het woord, wat ze willen kopen van de 1.000 euro en sommige gaven hun mening over het spel of de ‘positieve’ frustratie van het al dan niet kunnen vinden van een letter. Het belangrijkste was de interactie onderling met de deelnemers en de toekijkende en soms participerende rol van Bijenkorf.

De speurtocht is afgelopen op en dit is het resultaat:

Online Enquête “Link gedrag op LinkedIn”

In samenwerking is e-Marketingtrends bezig met een onderzoek naar het ‘link’ gedrag van LinkedIn gebruikers. Het doel van dit onderzoek is om te achterhalen in welke mate de werking van wederkerigheid, aldus het evenredig vergoeden wat je van een ander hebt gekregen, aan de orde is binnen het wel of niet iemand volgen en/of een recommendation te geven. De resultaten van dit onderzoek worden na afloop met jullie gedeeld.

Ematters: “Email Marketing Interview 2011″

In navolging van het SEO Linkbuilding interview dat Ematters in februari heeft gehouden, is hetzelfde initiatief genomen op het gebied van Email Marketing.

Ematters interviewde een 7-tal email marketeers over de laatste ontwikkelingen en de toekomst van Email Marketing. De geïnterviewde specialisten zijn:
- Joost Nienhuis van Tripolis Solutions;
- Michael Linthorst van Copernica;
- Marc Borgers van Borgers & Straathof;
- Jordie van Rijn van eMailMonday;
- Robert Rebergen van E-Village;
- Ernst Muller van Veritate;
- Wouter van der Hucht van Ematters.

In het interview zijn een aantal interessante zaken naar voren gekomen. Op basis daarvan samenvattend enkele conclusies:
• Email is absoluut niet dood. Alle geïnterviewde specialisten zijn het daarover eens en dat wordt aangetoond in de antwoorden op vraag 2;
• De verwachting is dat in de toekomst minder email verstuurd zullen worden, maar wel relevantere emails. Dit betekent dat kwaliteit belangrijk is dan de kwantiteit;
• Testen, testen, testen. Het klinkt als een dooddoener, maar gissen en denken dat de huidige emails niet beter kunnen, brengt de email marketing niet verder. Uiteraard kun je op je bek gaan, maar door te testen is de kans groot hogere ROI’s te behalen.

Het interview hieronder is een uitwerking van het volledige interview.

De indeling van de inbox verandert: relevantie van het bericht wordt steeds belangrijker. Facebook kondigde een eigen ‘email’ platform aan en Gmail introduceerde in 2010 de Priority Inbox. Steeds meer platformen zullen kiezen voor een andere indeling dan alleen op basis van moment van aankomst.  Waar moeten B2C marketeers op letten in de toekomst om zich hier op voor te bereiden?

Joost: Relevantie is- en blijft leidend in “het boven het maaiveld uitkomen” in de steeds vollere inbox. Naast het “moment van aankomst” zal ook het moment van daadwerkelijk lezen van belang worden.

Michael: Relevantie is het keyword. Marketeers moeten vooral opletten niet meer uit te gaan van dat batch-and-blast idee en maar continu bulkmailings verzenden. Niet alleen die ontwikkelde inboxen hebben dit door. Je ziet dat de consument ook steeds gemakkelijker door die commerciële boodschap heen prikt. Luister dus naar je consument en laat hem dit duidelijk merken in je timing, frequentie en natuurlijk vooral de inhoud van je berichten.

Marc: Op korte termijn, operationeel gezien, moeten e-mailmarketeers beter testen. Als op die manier het openpercentage stijgt, worden de e-mails als relevanter geclassificeerd. Dit is echter een lapmiddel. De boodschappen moeten ook echt relevant zijn anders ‘trapt’ men niet meer in verleidende subjectlines en andere trucjes. Daarnaast kan je door steeds beter te segmenteren, op basis van verrijkte klantprofielen, de berichten relevanter maken.

Robert: Ze moeten proberen en testen, op hun bek gaan en weer opstaan. Ze moeten aan de slag met Facebook Inbox en Google Priority Inbox, kijken wat werkt, fouten maken en weer proberen. Ze moeten bezig zijn met hun ontvangers, maar daar niet in doorslaan en ook zo reëel kunnen zijn dat niet iedereen altijd al jouw berichten opent. Net als in de winkelstraat, loopt iemand ook wel eens jouw etalage voorbij. Het is niet anders, volgende keer beter.

Ernst: Bij het samenstellen van e-mail moeten marketeers zich realiseren dat relevantie de sleutel is tot succes. Een aanbod dat niet aansluit op de interesse van een ontvanger zal niet converteren. Het klinkt logisch, maar veel marketeers sturen nog steeds liever hoge aantallen bulk e-mails. Het kost ze namelijk toch vrijwel niets. Marketeers moeten zich wel realiseren dat de band met de ontvanger in de toekomst steeds belangrijker wordt. Zorg er daarom nu al voor dat de ontvangers aan kunnen geven wat zij belangrijk vinden en stem de inhoud van de e-mails die zij ontvangen hierop af.


Eens in de zoveel tijd komen ze weer bovendrijven; zogenaamde guru’s die luidkeels roepen dat email dood is. Wat is jouw mening?

Michael: Je hoort deze stelling inderdaad te vaak terugkeren terwijl er telkens weer wordt bewezen dat e-mail nog lang niet dood is. E-mail zit namelijk sterk verweven in alle online communicatie die wij inzetten. Kijk maar naar social media! Voor registratie dien je altijd je e-mailadres op te geven en alle notificaties en mededelingen krijg je vervolgens opgestuurd per e-mail. Ook op mobiel internet word het gros van de tijd nog besteed aan het lezen van e-mail. Laat die guru’s maar roepen, wat mij betreft is e-mail nog steeds een van de sterkere zo niet de sterkste vorm van dialoogmarketing en zal dat nog lang blijven.

Marc: Onzin, e-mail is alive and kicking. Het aantal nieuwe e-mailgebruikers ter wereld was in 2010 groter dan het aantal nieuwe Facebook en Twitter accounts samen (bron: royal pingdom).

Jordie: Ik hoop dat veel mensen het geloven en geen e-mailings meer gaan verzenden. Dit maakt de inbox minder vol met onzin van marketeers die het toch al niet helemaal begrijpen. Slimme marketeers krijgen dan nog grotere exposure en resultaten uit de inzet van email marketing. Email is here to stay, alleen de manier waarop mensen (en dus ook marketeers) het gebruiken zal wel veranderen.

Ernst: E-mail is nog lang niet dood, hoe hard dit ook geroepen wordt. Het gebruik van e-mail zal in de komende jaren alleen maar toenemen, maar de functie hiervan zal wel gaan veranderen. Voor korte berichten gebruik we steeds vaker sms, ping of andere soortgelijke diensten. Bij veel van die ‘nieuwe’ diensten is de opmaak ondergeschikt aan de boodschap. E-mail is slechts één kanaal binnen een groeiend scala van communicatiekanalen. Afhankelijk van de boodschap kiezen we een bijpassend kanaal. Voor persoonlijke berichten zal e-mail de komende jaren nog wel blijven groeien.

Wouter: Ik heb maar weinig vertrouwen in bovendrijvende guru’s. Het is natuurlijk onzin, email zit in een enorme groeimarkt en hoewel online marketing steeds meer vormen krijgt en de focus zich voortdurend verplaatst, is email nog altijd de gezondste vorm van online marketing.


Uit een onderzoek van PWC blijkt dat de email marketing markt tot 2014 met 66% groeit in Nederland. Geloof jij dat er nog zoveel groei in de markt zit?

Joost: Jazeker, het is een goede zaak dat PWC onderzoek heeft gedaan naar de Nederlandse markt, vooral ook omdat het onze activiteiten rechtvaardigt. Internationaal onderzoek, van bijv. IAB/PWC, BtoB Magazine, Sherpa en vele anderen, wijst ook uit dat de meeste markten/landen tussen de 10% en 30% groei verwachten. Voor “Emerging Markets” zoals India, Brazilië, Turkije & Rusland kun je daar vaak nog “een nul aan toevoegen”.

Michael: Er zit zeker groei in de markt. Marketeers leren nu pas echt omgaan met de kracht  en mogelijkheden van email marketing. Personalisatie en segmentatie worden steeds vaker toegepast en campagnes afgestemd op de customer life-cycle winnen aan populariteit bij emailmarketeers. Naast PWC hebben andere onderzoeken ook aangetoond dat er nog veel kansen onbenut blijven wanneer het aankomt op e-mail marketing. Zo kwam FEDMA laatst tot de conclusie dat slechts 23% van de e-mailmarketeers gebruik maakt van winbackcampagnes bij verloren klanten.

Ernst: We zullen de komende jaren zeker met een groei te maken gaan krijgen. Mede doordat marketeers op zoek zijn naar goedkopere en meetbare communicatiekanalen zal e-mail vaker ingezet worden. Zowel in aantallen verzonden e-mails als in kosten zal de komende jaren een groei te zien zijn. De effectiviteit van de ‘standaard’ e-mails zal door het grotere aanbod en de kritischere ontvanger blijven afnemen. De focus zal de komende jaren verschuiven van een hoog mailvolume naar kwaliteit van de communicatie. Er zal meer aandacht besteed gaan worden aan de inhoud, het leesmoment en het gebruik van onder andere smartphones.


Zonder te refereren aan het genoemde onderzoek in vraag 3. Wat denk jij dat deze groei veroorzaakt?

Joost: De belangrijkste veroorzaker van deze groei, is dat er simpelweg meer geïnvesteerd wordt in email marketing. Dit komt voornamelijk door de uitstekende ROI van email marketing. Daarnaast is “post-vervangende” email ook sterk in opkomst, alhoewel de kracht van direct marketing en traditionele post niet onderschat moet worden. Dat zal ook een cruciaal onderdeel van de communicatiemix blijven.

Michael: Het toenemende gebruik van e-mail via mobiele apparaten draagt zeker bij aan deze groei. De opkomst van smartphones en tablets stellen de gebruiker nog beter in staat op elk moment hun e-mail na te lezen en te verzenden. Daarnaast hebben we te maken met een sterke digitalisering van correspondentie die nu nog via de post verloopt. Denk aan facturen, brochures, verjaardagsbrieven, etc.

Robert: Enerzijds zijn er nog legio bedrijven die nauwelijks iets met e-mail doen, en anderzijds zijn er meer dan voldoende bedrijven die nu nog gebruik maken van een veelheid aan pakketjes, zoals CRM systemen, e-commerce platformen etc., maar dat aan het centraliseren zijn in één systeem en zodoende veel meer uit hun e-mailactiviteiten weten te halen.

Wouter: De prognose van PWC laat zien dat service, infrastructuur en data rechtevenredig groeien. Meer bedrijven gaan het inzetten, en meer bedrijven zullen investeren in de kwaliteit van hun uitingen. Ik geloof echter dat service de belangrijkste groei zal veroorzaken en dat er uiteindelijk minder, maar relevanter, gemaild gaat worden.


Door de toename van het email verkeer wordt email tegenwoordig meer gescand dan gelezen. Waar moeten designers op letten om de aandacht van de ontvanger te krijgen? Wat moeten ze vooral niet meer doen?

Joost: Een minder arrogante houding, en meer investeren in het opbouwen en onderhouden van een duurzame relatie gebaseerd op respect, transparantie en relevantie. Geen eenrichtingsverkeer hanteren.

Marc: Naast de content zelf zorgen heel veel aspecten samen ervoor dat een e-mail bekeken wordt of niet. De afzender, de tekst, het verzendmoment, het gebruik van tussenkopjes, de wijze waarop visuals worden ingezet en een bepaalde sfeer wordt gecreëerd, de merkbeleving, de relevantie van eerdere e-mails etc. etc. Het scannen vindt steeds meer mobiel plaats. Daarom is het belangrijk de designs te gaan optimaliseren voor het uitlezen in mobiele clients.

Jordie: Ik heb het al vaker gezegd: Houd het interessant en relevant. De aandachtspanne is klein en aandacht moet verdiend worden. Hoe de invulling daarvan is, verschilt van bedrijf tot bedrijf en ontvanger tot ontvanger. Het hangt af van de specifieke situatie en doel van je mailing. Maar als je op het moment van verzenden denkt “Ik ben blij dat ik die zelf niet ontvang” is er zeker iets mis.

Robert: E-mail is meer dan alleen een wekelijkse nieuwsbrief, dus het design moet passen bij hetgeen je wilt bereiken. Zo zal een update over je bestelling meer tekst (informatie) bevatten, omdat het doel informeren is. Er is niet 1 gouden regel voor e-maildesign te geven, anders dan testen en kijken wat werkt. Dat is voor iedere organisatie, branche en vooral ieder doel weer anders.

Wouter: Keep it short and simple. Je ontvanger moet in een oogopslag weten waar de mail over gaat, waarom juist hij/zij deze heeft ontvangen en het allerbelangrijkste: hoe ze kunnen reageren. Alles wat de ontvanger hiervan kan afleiden kan worden geschrapt.


Wat zijn de voor- en nadelen van een nog, door Europa opgelegd, strenger privacybeleid voor email marketing?

Joost: Privacy is een groot goed dat gerespecteerd dient te worden. Zelfregulering van de branche door middel van codes van bijvoorbeeld DDMA en de Email Associatie zijn hierin goede stappen en zorgen er ook voor dat minder overheidsbemoeienis noodzakelijk is. Het strengere privacybeleid zorgt ervoor dat aanbieders beter nadenken over hun activiteiten en de ontvangers specifieker geselecteerd worden.

Michael: Ik zie vooral voordelen voor een strenger privacybeleid. Strakkere regelgeving dwingt professionele organisaties om ook op gebied van e-mailmarketing volwassen te worden. Zou het niet heerlijk zijn als consumenten gewoon elke e-mail in hun inbox konden vertrouwen?

Jordie: Ik ben geheel voor strengere regels. De ontvangers willen ze en daarom zouden de marketeers ze ook moeten willen. Dit helpt om het kaf van het koren te scheiden. Het enige is, dat de regels moeten dan ook wel streng gecontroleerd en gehandhaafd worden, anders hebben alleen de braafste van de klas er last van i.p.v. andersom.

Wouter: Het nadeel van strengere wetgeving is dat deze vaak de organisaties raakt die binnen de regels van de wet willen opereren, terwijl deze vaak bedoeld is voor diegenen die daar buiten rommelen. Maar privacy is een groot goed en de gemiddelde burger heeft geen idee waar hij toestemming voor geeft. Om een voorbeeld te geven: de iTunes voorwaarden bevatten 10 keer zoveel woorden als de Amerikaanse grondwet. Men heeft geen idee. De inbox vult zich met veel troep waar je als ontvanger nooit (bewust) om hebt gevraagd waarmee vertrouwen in het medium wordt geschonden. Als dat wordt voorkomen met strengere wetgeving en vooral de handhaving daarvan is dat een voordeel voor partijen die serieus omgaan met het medium en hun ontvangers.

Sinds enkele maanden hebben Hotmail en Gmail een videofunctie, waardoor er een meegezonden video onderin de nieuwsbrief wordt geladen. Heeft video i.c.m email marketing een toekomst?

Michael: Dat hangt volgens mij sterk af van je doelgroep. In B2C contacten waarschijnlijk wel. Een B2C gebruiker maakt namelijk vaker gebruik van een webbased client zoals Gmail of Hotmail. B2B gebruikers maken voor hun zakelijke accounts meer gebruik van Outlook, Apple Mail of Lotus Notes welke geen ondersteuning bieden voor video.

Marc: Wij hebben goede ervaringen met video in e-mail. Met name het clickpercentage stijgt enorm.

Robert: Ja, ik denk zeker dat video een waardevolle aanvulling kan zijn, niet voor ieder soort bericht, maar er zijn zeker voorbeelden te bedenken waarin video in e-mail echt iets toevoegt. Denk bijvoorbeeld aan een servicebericht waarin een net aangeschaft apparaat kort wordt toegelicht.

Ernst: Video in e-mail is niet nieuw. In de oudere versies van Outlook, die gebruik maakten van Internet Explorer, was dit ook al mogelijk. Dit is destijds niet erg populair gebleken. Het maken van een video kost tijd en geld. De vraag is of markteers wel tijd en geld willen investeren in een medium waarmee zij beide juist verwachten te besparen.

Wouter: Ik geloof persoonlijk nog niet in stickiness in email. Als de video vanzelf gaat spelen kan het onbedoeld irritatie veroorzaken, als de video moet worden geactiveerd middels een klik kan je net zo goed doorlinken naar de website. Beleving is leuk, conversie is nog veel leuker. De website, waar je helemaal los kan gaan in beleving en interactie, blijft daar de ideale plek voor. Zodra personalisatie in email echt mogelijk wordt, dan wordt video in combinatie met email interessant.


Segmentatie op basis van bezoekersgedrag (Retargeting) wordt gebruikt om een, voor de ontvanger, zo relevant mogelijke email te kunnen versturen. Een nadeel is dat een ontvanger zich hierdoor bespioneert voelt. Wat is jouw mening over dit type segmentatie?

Joost: Altijd transparant zijn naar de ontvanger over wat je doet en datgene wat je doet, louter gebruiken om een persoonlijkere, relevantere dialoog te voeren. Dat zal in de perceptie van de meeste ontvangers als extra persoonlijke aandacht worden ervaren, in plaats van als spionage of vervelende verkooptactiek. Er zal een nieuwe balans ontstaan welke per ontvanger/verzender zal verschillen.

Michael: Ik vind dit kunnen zolang je de consument hier niet mee lastig valt en hem de controle geeft over het contact. Zorg ervoor dat je op subtiele wijze gebruik maakt van deze informatie in je campagnes. Gebruik daarnaast altijd een gemakkelijke en duidelijke afmeldprocedure zodat de ontvanger zich meteen kan afmelden wanneer hij zich bespioneerd voelt. In dat geval ben je dan beter af met een afmelding dan een spamklacht.

Jordie: Gedrag uit het verleden geeft geen garantie voor de toekomst. Maar is wel een sterke indicator. Marketeers moeten daarbij ook niet alleen denken dan het direct doorvertalen van 1 actie naar 1 e-mailing, zoals bijvoorbeeld bij een verlaten winkelwagen. Maar met name denken aan het lange termijn opbouwen van profielen. Omdat je dan meer mogelijkheden hebt om gericht te mailen, vertaalt het zich in een hogere waarde per contact.

Ernst: Dit zal afhangen van de manier waarop dit wordt gedaan. Als iemand op zoek is naar een specifiek product op een website toont hij duidelijk interesse. Een goed aanbod tijdens de oriëntatiefase vindt een ontvanger geen probleem. Maar hij moet niet nog weken of maanden achtervolgd worden met hetzelfde aanbod. Laat het voorkomen als een toevallige match tussen interesse en aanbod, of geef duidelijk aan dat je weet dat iemand gekeken heeft.

Wouter: Ematters heeft voor hotelkamerbroker Easytobook.com een geautomatiseerde retargetingcampagne opgezet. Op basis van de data uit Yahoo WebAnalytics worden per gebruiker een selectie van hotelaanbiedingen gestuurd op basis van de laatste zoekopdracht op de website. Onze ervaring is dat ontvangers juist zeer positief reageren. Ze ontvangen precies datgene, waar ze naar hebben gezocht. Relevanter kan niet. De conversie is fantastisch en we hebben geen onvertogen woord van de ontvangers mogen ontvangen. Het is een kwestie van goed inrichten en altijd de ontvanger voorop stellen.


Het is mogelijk het email bestand uit te breiden door bv. email adressen te huren. Welke nieuwe ontwikkelingen verwacht je, naast het huren van adressen, die marketeers kunnen inzetten om hun bestand uit te breiden?

Joost: Social media biedt een fantastische manier om databases verder te verrijken. Andersom werkt het natuurlijk ook, Social sharing buttons in email, “I like’s” verzamelen via email, email content ook direct publiceren via social media etc. Email en social media gaan uitstekend samen en versterken elkaar. Je krijgt hiermee een heel goed beeld wat je doelgroep over je denkt, en dat is onmisbaar voor marketeers.

Michael: Een mooie methode die zijn opkomst maakt binnen marketing software en CRM-systemen is het overnemen van profielinformatie vanaf social media. Met behulp van een koppeling alle beschikbare en vrijgestelde informatie uit bijvoorbeeld Facebook overnemen in je centrale database en daar verdere campagnes op afstemmen. Ga hierbij wel open en eerlijk te werk, zodat je hier, net als bij retargeting, niet de indruk wekt de consument te bespioneren.

Robert: Ik ben geen grote voorstander van huren. Bouw zelf gestaag aan een lijst met echt geïnteresseerde abonnees, en doe dat dan ook overal, bij elk contactmoment. Bij contactaanvragen, in de winkel, in  het bestelproces, als ze je bellen en natuurlijk via de sociale netwerken. Daar waar je doelgroep zich bevindt, moet jij ook zijn en moet je ze zien over te halen zich middels een e-mailadres aan je te verbinden.


Wat wil jij de lezers nog meegeven m.b.t. email marketing?

Joost: Email is nog veel te statisch. In de toekomst zal email steeds dynamischer en “realtime” worden. Email zal worden aangepast aan de tijd, de locatie en het apparaat waarmee de email wordt geopend. Email is nog lang niet dood en staat open voor meer innovatie.

Michael: Actief data verzamelen is slechts het begin. Waar het nu echt om draait, is het slim inzetten van al je data om de dialoog met je consumenten aan te gaan! Segmentatie, personalisatie, relevante content en life-cycle marketing zijn de onderwerpen waar je op dit moment aandacht aan moet besteden. Luister naar je consument, leer hem kennen en laat vooral ook merken dat je hem kent.

Marc: Er is veel geschreven over hoe je met inactieve abonnees om moet gaan. Dit zijn mensen die de e-mail niet openen en/of er niet in klikken. De trend is deze mensen na een bepaalde periode te verwijderen uit je bestand. Ik ben daar een tijdje in mee gegaan, maar kom daar steeds meer op terug. Mijn advies is te kijken of deze mensen op andere manier wel interactie hebben met je bedrijf bijv. wel gewoon online kopen. Als dat zo is, gewoon blijven e-mailen die groep. Ook zie ik meer in het wat terugbrengen van de verzendfrequentie dan in het helemaal stopzetten van de e-mailverzending. Een e-mail in de inbox, brengt de afzender/het merk toch even onder de aandacht van de ontvanger. Ook al is dit kort, ik denk dat dit wel een positief effect heeft.

Jordie: Middelen zijn vaak de bottleneck die in de weg staat van uitmuntende communicatie en resultaten. Heb je niet de middelen om alles uit je email marketing te halen wat erin zit, zorg er dan voor dat je hulp inschakelt. Email Service Providers, bureaus en individuele consultants kunnen er voor zorgen dat je minder uitgeeft en meer geld verdient, o.a. via e-mail marketing. Als dat op dit moment niet het geval is of je ontevreden bent: stop dan met dat geneuzel en ga direct op zoek naar een alternatief.

Robert: E-mail marketing is – in tegenstelling tot bijvoorbeeld marketing via sociale netwerken – een kanaal waarin jij eigenaar bent van de data, waarin je heel nauwkeurig kan meten wat het kost EN wat het oplevert en alleen daarom verdient het de volle aandacht van marketeers. Het is dus niet iets wat je ‘er even bij doet’.

Ernst: Zorg ervoor dat je zuinig bent op je database en vervuil de mailbox van je klanten en prospects niet met onnodige en irrelevante e-mail. Respecteer de tijd van je klanten en beperk je tot het versturen van voor hun relevante berichten.

Wouter: Geloof niet in guru’s, maar vertrouw op de antwoorden die je ontvangers je geven. Heb je moeite met de analyse, huur dan expertise in die je campagnes kan optimaliseren.

Bron: dutchcowboys.nl

Nederland loopt niet voor met internetgebruik

Nederland wordt vaak geacht voorop te lopen wat betreft het gebruik van en de kennis over internet. Als wordt gekeken naar het bereik van sociale netwerken en het aantal zoekopdrachten behoren we echter tot de middenmoot.

Ondanks het enorme bereik van Hyves (9,1 miljoen leden in Nederland) en de recente groei van Facebook staat Nederland in Europa op een zesde plaats. Alle sociale netwerken samen bereiken in Nederland 85,1 procent van de bevolking. Gemiddeld ligt dit percentage in Europa op 84,4 procent. Turkije (92,2 procent), Polen (90,6 procent), het Verenigd Koninkrijk (87,9 procent), Finland (86,5 procent) en Noorwegen (85,6 procent) staan nog voor Nederland. Oostenrijk is hekkensluiter met 74,5 procent.

Opvallend is dat het bereik van de sociale netwerken in Nederland sinds december 2009 niet gegroeid is. De verandering komt uit op precies nul. Gemiddeld groeit het bereik in Europa met 10,7 procent en in Rusland zelfs met 21,5 procent. Geen enkel land scoort lager dan Nederland. De groei ligt mogelijk op nul omdat sociale netwerken in Nederland eerder opkwamen dan in andere Europese landen.

Facebook

Ook wat betreft het aantal Facebookleden vergeleken met het aantal inwoners wijkt Nederland af van de rest. Zo bereikt Facebook ‘slechts’ 48 procent van alle inwoners. Alleen in Rusland (18,8 procent) ligt dit percentage lager. In landen als Turkije, het Verenigd Koninkrijk en Finland komt het percentage Facebookers boven de 80 procent uit. Het Nederlandse netwerk Hyves is de belangrijkste oorzaak van het ‘tegenvallende’ bereik van Facebook in Nederland. Wel groeide de grootste netwerksite ter wereld behoorlijk in Nederland. Het bereik nam in een jaar tijd met 23,6 procent toe.

Google domineert zoals verwacht de zoekmarkt in Europa. Polen steekt met kop en schouders boven de rest uit als het gaat om het aantal zoekopdrachten per ‘zoeker’: ongeveer 180. Nederland presteert wederom gemiddeld met zo’n 110 zoekopdrachten per zoeker. We blijven Duitsland, Rusland, Denemarken en Noorwegen daarmee nipt voor, maar leggen het af tegen de rest van Europa.

Internettijd

Op één gebied scoort Nederland wel opvallend hoog: de bestede tijd op internet. In december was een Nederlandse internetter gemiddeld 31,5 uur online. Hiermee laten we de rest van Europa ver achter ons. Zo waren de Turken 26 uur online en zaten de Fransen 25 uur en drie kwartier op het internet. In totaal waren er in Nederland overigens 11,9 miljoen mensen online in de maand december. Zij bezochten gezamenlijk meer dan 41.000 websites.

Bron: nu.nl

Het onbekende Augmented Reality

Alhoewel e-Marketingtrends het onderwerp Augmented Reality al eens flink onder de aandacht heeft gebracht vanwege de vele mogelijkheden op het gebied van marketing, zijn wij van mening dat veel mensen nog steeds niet weten wat dit onderwerp precies inhoudt. Toch blijkt vaak dat, wanneer je het aan iemand uitlegt aan de hand van een paar voorbeelden, Augmented Reality ze wel degelijk bekend in de oren klinkt.

Wanneer je een beetje Googlet op het woord Augmented Reality, kom je al snel op Wikipedia terecht, waar er een definitie van staat. Geciteerd van deze site betekent Augmented Reality dan ook het volgende: “Toegevoegde realiteit (TR) (eng: Augmented reality) is een vakgebied dat zich hoofdzakelijk bezighoudt met het zo realistisch mogelijk toevoegen van computergemaakte beelden aan rechtstreekse, reële beelden. In plaats van informatie af te beelden op klassieke en geïsoleerde beeldschermen, worden de data geprojecteerd in het gezichtsveld van de gebruiker, meestal door middel van een head-mounted display of head-up display. Het maakt het verschil tussen de reële wereld en de virtuele wereld steeds kleiner en zorgt tevens voor eenvoudigere en gebruikers vriendelijkere interfaces, ook voor complexere toepassingen.” Voor de meeste mensen die actief zijn op marketing gebied klinkt dit bekend in de oren. Echter, veel jongeren (en zelfs huidige studenten die een commerciële opleiding volgen), hebben nog nooit van dit onderwerp gehoord.

Bovenstaande baseren wij op bevindingen die wij hebben opgedaan tijdens onze studie aan de Hogeschool Rotterdam. Ongeveer anderhalve week geleden hebben wij in een volle collegezaal (ongeveer 100 personen) mogen ervaren dat vrijwel niemand iets wist te vertellen over Augmented Reality toen daar naar werd gevraagd door de gastspreker. Het kan natuurlijk zo zijn geweest dat de studenten net een ‘zware nacht’ achter de rug hadden (het was immers vrijdagochtend), maar op andere vragen van de gastspreker wisten veel studenten wél een antwoord te geven.

Een tweede voorbeeld halen we uit de workshops die wij eind 2010 hebben mogen geven aan studenten aan de Hogeschool Rotterdam voor de opleiding Commerciële Economie. Tijdens deze (interactieve) workshops wilden wij de studenten van alles leren over Augmented Reality. En dat ze ‘alles’ nog moesten leren bleek wel duidelijk te zijn. Af en toe was er een enkele student die mondjesmaat er iets over kon vertellen, maar duidelijk was dat niemand nog echt bekend was met het onderwerp.

Ook wanneer wij aan vrienden, studiegenoten of familie vragen of ze weten wat Augmented Reality is, krijgen wij dezelfde bevestiging. Wanneer wij vertelden dat de digitale reclameborden in een voetbalwedstrijd, die je alleen op de televisie kunt zien, ook voorbeelden van Augmented Reality zijn, wisten mensen toch ineens wel waar we het over hadden. Wanneer we doorvroegen of zij ook wisten dat je dit als marketingtool kan inzetten, schudde eigenlijk iedereen direct het hoofd.

Natuurlijk is het geen schande als iemand iets niet weet. Een mens kan niet alles weten. Toch vonden wij het vooral verontrustend dat onze toekomstige toetreders op de arbeidsmarkt nog zo weinig weten van Augmented Reality als zij net een commerciële/economische opleiding hebben afgerond. Naar onze mening gaan nieuwe marketingtools als deze namelijk een belangrijke rol vervullen in de toekomst. Zelf hebben wij kennis gemaakt met AR door de minor Interactie Marketing. Vanuit daar is onze interesse voor dit onderwerp gegroeid. Het is daarom ook niet gek dat veel andere studenten er nog nooit van hebben gehoord. In het normale vakkenpakket van een commerciële opleiding is er eigenlijk geen plaats voor interactieve media of nieuwe marketingtools. Vooral de traditionele vormen van marketing worden aangeleerd en hierdoor blijven veel opleidingen steken bij het ‘oude’ of het ‘klassieke’. Dit gaven meerdere docenten aan die wij hebben gesproken, van zowel de minor Interactieve Marketing als van de opleiding Commerciële Economie. De docenten van deze minor gaven aan dat interactieve marketing in de toekomst misschien wél in het vaste vakkenpakket terecht gaat komen van de opleiding Commerciële Economie. Dit omdat de nieuwe vormen van marketing toch wel steeds belangrijker gaan worden. Eigenlijk kunnen we er straks niet meer omheen.

Dus wie weet krijgt hierdoor onze economie, over een aantal jaren althans, ooit nog een extra impuls door de kennis die wij gaan bezitten over de inzet van nieuwe vormen van marketing!

Sparen via Social Media brug te ver

Nederlanders lopen nauwelijks warm voor (gezamenlijk) sparen via social media als Hyves, Twitter of Facebook. Bijna zestig procent houdt een spaardoel sowieso liever privé. Dat blijkt uit onderzoek in opdracht van ABN AMRO-dochter MoneYou, die de smartphone applicatie ‘Social Sparen’ vorige maand introduceerde.

Bij de 55-plussers is slechts vijf procent enthousiast. In de leeftijdscategorie 18-34, staat twintig procent wel positief tegenover sparen via de app. Daarop kan bijvoorbeeld uitgerekend worden hoeveel nodig is om per datum x spaarbedrag y bij elkaar te hebben.

Eenderde van de Nederlanders beschikt inmiddeld over een smartphone. Met de social sparen-app kunnen derden via social media geld doneren. Dat werkt voorlopig alleen op de iPhone en iPad. Voor andere toepassingen is de applicatie in de maak.

Volgens de Consumentenbond is de spaarvorm niet meer of minder gevaarlijk dan andere vormen van internetbankieren. Vanaf het spaarrekeningnummer is geen incasso mogelijk, een tegenrekening wijzigen is niet mogelijk bij MoneYou.

Bron: Spits

Recruitment en Social Media 2011

Aangekomen bij het prachtige kantoorgebouw van Maximum in Capelle aan den IJssel, begon mijn interview met de heer Boonstra. Mijn doel was om meer te weten te komen over de inzet van Social Media binnen de Recruitment van een organisatie. Maximum is een innovatief arbeidsmarktcommunicatiebureau dat onder andere de succesvolle campagne ‘Geschikt, ongeschikt’ voor de Koninklijke Landmacht heeft weten te lanceren. “Met deze campagne winnen we nog steeds prijzen”, aldus Patrick Boonstra.


Patrick heeft na 1 jaar directeur uitzendbureau, 5 jaar business consultancy, waarvan enkele jaren op het gebied van online, toegepast op nu 1,5 jaar in arbeidsmarketing, zorgt er voor dat ik snap hoe dit toe te passen in (social) media. Hij weet als geen ander hoe je deze markt met de juiste invulling van (social) media moet bereiken, vandaar zijn benaming als webstrateeg.
Mijn eerste vraag aan Patrick was hoe hij de arbeidsmarkt van Nederland ziet veranderen in 2011. Een overspannen arbeidsmarkt is het gevolg, dat veroorzaakt wordt door de vergrijzing en de vraag naar personeel in voornamelijk de zorg enorm zal stijgen. Logisch, aangezien de ‘baby boomers’ de markt zullen verlaten.
Ik vroeg hem naar de inzet van social media; wanneer organiasties gebruik willen maken van social media bij de werkzaamheden rondom recruitment, zullen zichzelf eerst de vraag moeten stellen wat de toegevoegde waarde kan zijn en met welk doel ze deze media willen inzetten. “Zorg eerst dat je eigen website op orde is, voordat je mensen er naar toe stuur”, aldus Patrick. Is social media per definitie de oplossing om succesvol te zijn als recruiter/organisatie? “Nee onzin, ook andere media, zoals e-mail zijn erg effectief, als je maar weet wie je doelgroep is en met welke boodschap je hen benaderd”.
Naar aanleiding van mijn bezoek aan CSN Conference, waarbij ik  beide presentaties van LinkedIn had bijgewoond, vroeg ik hem zijn visie en mening. “LinkedIn is erg effectief en interessant voor iedere recruiter binnen een organisatie,  recruiters die op dit moment geen LinkedIn profiel hebben die up to date is en volledig ingevuld, moeten zich schamen”, aldus Patrick. Ook suggereerde hij dat vacature websites zich met de opkomst (van de Nederlandse versie) van LinkedIn grote zorgen moeten maken.
Hoe ziet de ideale recruiter anno 2011 eruit? “De recruiter van deze tijd ‘houdt niet van mensen’ en zijn nog te traditioneel met het versprijden van vacatures, ook wel CV-papierverschuivers genoemd. De ideale recruiter is een commerciële flirter die de interactie met sollicitanten aangaat”.
Tot slot vroeg ik hem over zijn visie van ‘Het Nieuwe Werken’, waarmee het thuis en flexibel werken en prestatiebeloning in plaats van urenbeloning wordt bedoeld. “Flexibel werken is prima, en ook zeker gewenst, maar de mate van flexwerken (in tijd en locatie) die nu wordt gesuggereerd wordt overschat en de aandacht voor HNW is nu vooral op de rechten die werknemers worden toegedicht, zonder dat daar de bijbehorende verplichtingen tegenover staan.”

Conclusie:
LinkedIn is een effectieve manier om invulling te geven aan recruitment, waarbij wel iedere recruiter/organisatie zijn zaakjes op orde moeten hebben, dit geldt overigens voor alles, willen zij betrouwbaar en representatief over komen. Denk vooral niet dat social media de enige oplossing is, maar baseer alles op wie je doelgroep is en met welk doel en toegevoegde waarde je te werk gaat.
Recruiter 2011: “Weg met CV-papierverschuivers en lokale-suffertje-adverteerders, en wordt een commerciële fliter”

Navigation »